01 januari (na oudjaar)

ik wil dat jij mij wekt
voor dat het jaar zich draait
en ’t oude gaat
door de gekuiste ramen
landt winter op de vensterbank

’t is januari en ik heb
een witte anjer in mijn knoopsgat
mijn voorhoofd, bleekjes
neigt zich jou
en heel jouw zijn
vouwt zich geluidloos liefdevol
verwarmend om de mijne

dat jij mij hebt gewekt
toen ‘t jaar zich draaide
en ik nog helemaal
de winter was

ik ben een deel van jou
en eindelijk lopen dagen
weer in de pas
*********************
sunset 01-01-2019


en ons tot brandhout

ik zoek asiel en jij de vlucht
omdat jij mijn hunkeren vermoedt
in het duister van deze nachten

draag ik een hoofdgestel
uit een nachtmerrie
waaruit ik kon ontsnappen
enkel om bij jou te zijn

vandaag ben ik poort
net als voorbije jaren
splijt ik het hout
door mijn aanhoudend zoenen

maak monden tot het hekwerk
en ons tot brandhout
*********************
sunset 01-01-2019


liefde is leven

tijdloos deze herfstige winter
waarin het licht schaduwen vouwt
en wind vogelvluchten ademt
omzoomt het woud streven en sterven

niets pulseert zo heftig
dan het onbegrijpelijke
zonder nijd bekeken

eens je hand in verwondering gedoopt
word je geplukt in een lente
waarin je wee en ach verwelkt
net als je en, en of, en maar

want of je het gelooft of niet
onder het huidige verval
ontluikt het nieuwe leven
*********************
sunset 02-01-2019


in de spiegel

in de spiegel achter mijn rug
zweeft het jongste verleden
toont mij een beeld
van een vage silhouet

in de leegte de ik achterlaat
wurmt zich een man [die er eigenlijk niet in past]
hij kreunt en steunt
tot het hem uiteindelijk lukt

breedte- en lengtegraden
barsten overal in de wereld uiteen
*********************
sunset 02-01-2019


naamloos uniek

namen zijn bij mij mislukt
in de claustrofobie van woordenboeken
waar plaatjes zoogdieren zijn
maar ook in het halfduister
dat vol met schedels hangt

mij wacht een toekomst
met vage nachtelijke dijen
zonder de geur van wanhoop
of ontharingsmiddelen

op een bepaalde manier
enkel maar vrouw,
naamloos uniek
*********************
sunset 03-01-2019



bij het vuil

mijn hyperactieve tong
contractie van momenten tot illusie
als einde droomloos ingekleurd

beschrijven mijn handen
een bijzonder gefluister
laten leegte verdwijnen

en alles wat ons scheidt
wordt zonder enig respect
in oude kranten gewikkeld

en belandt bij het vuil
*********************
sunset 03-01-2019


liefdevolle erotiek

schakel alles uit
het licht, het leven
en ook de taal,
laat ons zwijgen

blootsvoets over water lopen
en wel zolang
tot onze voeten wond zijn

verstaan doen wij niets
wanneer onderweg de zon vaal wordt
slechts als een lichtend merkmaal

op je voorhoofd staat
net als de tepels van jouw borsten
als heldere sterren

beschijnen zij donkere lijven
opdat ik de bron vind
van dat wat is

en opwaarts snellend
kom ik tot stilstand,
en stroom
*********************
sunset 04-01-2019



minder leeg dan eerst

gisteren hebben wij
het verleden begraven
vandaag schilderen wij
het huis maagdelijk wit

het stralende verblindt
de ogen van de doden
vinden niet meer terug

maar gisteren was jij er
al weet ik niet
hoe je binnen kon komen
deuren en ramen waren dicht

toch heb ik je gevoeld
diep in mijn hart
- en ook de stoel
was minder leeg dan eerst
*********************
sunset 04-01-2019


een eeuwig verlangen

zoals kleurende banen
van heldere regenbogen
waarin geen plaats is voor grauw
en die hoopvol de nacht overstijgen

is de kleur van het leven
net als de hemel die liefheeft
in een eeuwige verlangen
zo diep als de diepste zee
*********************
sunset 05-01-2019



alles zonder werkelijk resultaat (observatie)

vuile steegjes in achterbuurten
waarheen jij mij brengt
op de muren over-dimensionale vrouwen
met diepe decolletés als geldautomaten
en ogen als behangen deuren

in een etalage zenden platte beeldschermen
steeds dezelfde rug van een dief uit
en iemand valt op zijn gezicht
staat op met een scheve glimlach
en vraagt of ik met hem mee ga

een tijd lang speelt de wind met groteske gestes
hoor je het snorren van banden op het asfalt
in een bus zit helemaal achterin een meisje
haar gezicht dicht tegen het raam geplakt
trommelt regen met kleine vuisten op de ruiten

alles zonder werkelijk resultaat
*********************
sunset 05-01-2019



bij ’t overlijden van W.

als kind dicteerde mij mijn muze
mij mijn eerste verzen, zelfs in mijn slaap
onthield ik, schreef het op
na mijn ontwaken

toen wist ik nog wat hoop betekende
had vele blanco vellen, schrijfinstrumenten
woorden waren reddingsboeien
dus zette ik hen dichterlijk op het papier

en als ‘k verdronk in smart
kwamen zij aangehold om mij te redden
van boze heksen, draken, wolven
zó dat die mij niet konden doden

nu slaapt mijn muze terwijl ik waak
ik schrijf en ween over lege graven
die zij vult met veel te jong bloed
*********************
sunset 06-01-2019


in ’t winterlijke zwijgen

de zon ontwaakt
en ergens staat de maan
vogels slapen op de draden
’t asfalt is nog verijst
voor dat strooiwagens komen

een witte rijp tooit velden
met starre stalactieten
die tot in hemel reiken
alsof zij zo opvliegen kunnen

afwijzend glanst de hemel
met al zijn hiërogliefen
voor dat wat komt als schild
in ’t winterlijke zwijgen
*********************
sunset 07-01-2019


ver zweeft mijn adem
door ruimte die open barst
doorheen tere nevelsluiers

en de ochtend danst
bij het stille gezang
van elfjes en feeën
*********************
sunset 07-01-2019


herfstlover
volgt
het ongewisse

verwaait
in vluchtige ogenblikken
van een voortdurende nacht

tussen vingertopjes
niet meer dan
slechts een stille zucht
*********************
sunset 08-01-2019



avonden hebben
niet veel woorden nodig

enkel wat vaags
dat zich voorzichtig
tussen hen in beweegt

als een zweem
nachtelijke poëzie
*********************
sunset 08-01-2019


licht beroeren
donkere zomen
een vaag bestaan

onwerkelijk:
zeven geliefden
uit de dood gewekt

zeven keer zeven
leven geschonken
en toch …

alles weer
in angstig duister
verdronken
*********************
sunset 09-01-2019



en daar tussenin

’s nachts valt
mijn poëzie
uit ’t zwijgen

en hoe ik dan
in vroege ochtend
nog in een glans
van sterren
met woorden worstel

en daar tussenin
enkel schaduw ben
[of iets dergelijks]
zwetend zwoeg
bij elke ademteug
*********************
sunset 09-01-2019



als in een herfst

jij slaapt
en ‘k sla mijn ogen op
zoek woorden
die ik uiteindelijk vind
als klanken op jouw huid

en ‘k keer mij om
zie lege zinnen van de regen
die constant druppelend valt
en alles uitwist
wat ons overbodig lijkt

jij lacht en weent
en soms, wanneer ik in je ogen kijk
zie ik de lettergrepen zweven
als in een herfst
de blaadjes, onbeschreven
snel tot stof verworden zijn
*********************
sunset 10-01-2019



over - stroming

het felle blauw slaat zich in ’t beeld
de zee stroomt over, het lijkt een drama
nu alles onderloopt in regendruppels
als echo’s uit de verte mens en dier
die uit elkaar aan ’t drijven zijn
in stromen die nog vloeien willen
en zich verheffen, alles slaat op de vlucht
wanneer de watermassa’s botsen

als in ’t begeren van een liefdespaar
waarvan de één de ander dodelijk kust
*********************
sunset 10-01-2019



nachtelijke zoen

slapeloos lief jij mij
op dagen dat wij
ons onder het laken
teder aanbidden

droog gekust
aan oevers van water
onder zoutig lachen

kabbelen ringen en namen
die ik je geef
als schuimgeborene

vaag getekend
door zachte lippen
op het sterrenbehang

een nachtelijke zoen
die ongevraagd
uit elke porie drupt
*********************
sunset 11-01-2019



en ik…

de stilte die
vanuit het vale licht
des ‘s avonds door je haren dwaalt
in ‘t mat geschetste streep na streep
mij enkel nog wat kleuren toont

je lijf in schemerend wit
dat helemaal voor zich alleen
in nacht verblijft
zich zacht te ruste legt
aan rand van ’t zijn

en ik …
*********************
sunset 11-01-2019


nog valt het nachtelijk duister
als schemering tussen lippen

mijn tong likt jou
het maanlicht van je huid

en leest het ochtendrood
*********************
sunset 12-01-2019



ik kan slechts stil bevestigend zwijgen

jij, regen in je haar
wimpert mij toe
het schemert in jouw ogen

en in je ene hand ’t verleden
in d’ andere de toekomst
ben jij het heden
opengeslagen op het bed
zwemmen wij traag in onze hemel

de klok kent hier geen wijzers
wanneer de nacht verdwijnt in nieuwe dag
lichten nog steeds de sterren

en ‘k hunker mij tussen jouw dijen
jouw lippen glanzen nat
als jij mij lieft met heel jouw zijn
en vraagt of ik je wil
kan ik slechts stil bevestigend zwijgen
*********************
sunset 12-01-2019



daar waar nog steeds ons eden ligt

jij hebt een glimlach op je lippen
wijl ik je aanlach, vertel jij aan een stuk
over kersen aan de takken
en dat ik die plukken moet
of beter nog
die sappige volrijpe pruim
- als in de oogsttijd

wandelen bomen traag
hun bladeren rood en geel
en doorheen ramen
kunnen wij de sterren plukken
al zijn zij slechts een vage glimp
en dwalen door nachten onder de maan
die steels verlangend naar jou reikt

jouw heuvels glanzen in haar licht
en ook al is het nacht en donker
onderbreekt heel af en toe
een smal dun streepje licht de liefdevolle stilte
als ik jouw schrijf tussen jouw dijen
daar waar nog steeds ons eden ligt
en zich de poort van d’ hemel opent
*********************
sunset 13-01-2019



wij zijn
tussen twee vingertopjes
elk woord dat ik zoek

dat steeds begint
als een voorzichtig raken
en dan verblindt

daarna
*********************
sunset 13-01-2019


het zou zomaar weer kunnen zijn

sporadisch zie je al de sporen van ’t verval
daartussen de een of andere variante
terwijl het hart soms de doorstroming mist
zoeken vingertopjes in het bekken van je mond
de hier en daar voorhanden zijnde bloesemknopjes

de lucht verkilt en sneeuw hangt in de wolken
het water wordt door hemel ingedamd
wanneer wij liggen onder het fluwelen zwart
zou het zomaar weer kunnen zijn
dat permafrost de aarde laat bevriezen

en ons het koude zweet op ’t voorhoofd schrijft
*********************
sunset 14-01-2019



en dicht

een enkele donderslag
nog slechts een stuiptrekking
een heel kort doof gevoel
dat zurig na-smaakt

als een opgewonden iets
achter het hek, ongetemd
dat hijgt en breekt
uit het gekreun

en ik, de doodgezegde
hunker nog steeds begeerte
druppel kleuren uit de hemel

en dicht
*********************
sunset 14-01-2019



tot waar licht ons verstop

wij balanceren op eerste zonnestralen
in een ophanging van lichtbalken
haarfijn gesponnen door kieren lamellen
niet helemaal open, niet helemaal dicht

jij vraagt mij hoeveel strepen
er zwemmen in onze ogen
die zich opmaken te kijken
zonder reeds werkelijk iets te zien

barnsteenkleurig kaderen beelden
die ons vinden in blinkend licht
van
zuid naar zuid stralend
tot elk duister zwicht
|
contouren lijken gesuikerd
onder de naad van wimpers
groeit de stoel uit de schaduw
lichten het bed en vingers wit op

en nog stopt niet het vergelijken:
jouw ogen, jouw mond en je lach
zijn als het masker van nachten
tot ver voorbij grenzen van ruimtes

tot waar licht ons verstopt
*********************
sunset 15-01-2019



jij trekt mij in jouw armen

hier is jouw lijf
dieper dan elk denken
wijl regen druppelt
van te natte twijgen

en er serene stilte heerst
schreeuwt er verwarring in mijn hoofd
en brandt zich in;
waar wij in liefde samen liggen
blijft zacht ons teder zwijgen

en zoek ik scherven van de zomers
voor ‘t huis dat ik nog bouwen wil
maar jij grijpt mij in nachtelijke ruimte
en trekt mij in jouw armen

uit angst dat mij de dood
toch nog zal krijgen
*********************
sunset 16-01-2019


twee afzonderlijke oceanen

allegorie van een kalenderblad
jouw gehurkt lijf, een oor tegen de dorpel
en de adem reeds bevroren
ziet belachelijk uit

laat onze armen zeilen zijn
die tegen wolken drukken
en wie als eerste terugtrekt
verliest al het beloofde, zeg jij

en zo gaan wij
dit kleine stukje maar
zwijgend naast elkaar

twee afzonderlijke oceanen
waaruit de nevel
zijn druppels drinkt
*********************
sunset 16-01-2019



verklaar mij liefde niet

verklaar mij liefde niet die niet te verklaren is
wanneer ik in verschrikkelijk tijd
er niets van bak
e
r ook niets aan kan doen

jij zegt dat ik bevangen ben door rare geesten
maar verklaar het mij niet

want zie, de salamander
hij wandelt zonder enige angst door vuur
zonder een spoor van vrees
of iets dat hem deert

en ook dát valt niet te verklaren

*********************
sunset 17-01-2019


hun ogen kijken, meer dan de mijne

ik ben de nachtmerrie van eenvormigheid
verstard in niet bewegen, ziet men mij niet
- van waar komt toch al dat water?
nevels, schuim, wolken, ijs, regen, tranen

in hun dichtheid, die leeg is, in gaan
enkel hun aanhoudend golven
oefent mij, mij te positioneren
- overgevoelig, of niet gevoelig genoeg

dromen vogels van oevers
of eerder van hun vluchten over oceanen
- vanuit mijn handen stijgen raven op
hun ogen kijken, meer dan de mijne
naar landen die liggen in de verten
*********************
sunset 17- 01-2019


 
lijven beven in koude

voor de volgende laatste lente
de eerste keer dit jaar
handen diep in mantelzakken

de bomen op de andere zijde
staan vastgevroren in witte spikkeling
na een korte sneeuwexplosie

onder een warme hoed
verstoppen wij onze hoofden
lijven beven in de koude

tongen likken hete zoenen
ontsteken een felle gloed
die in lendenen brandt
*********************


ik weet nog steeds niet waarom

alsof het zwijgen mij roept
herken ik mijn jeugd
in al die dennenbomen
die dichtbij gehurkt staan
en trek ik de woorden uit mij
als verweesde zinnen
in nachten zonder dromen

het liefst slaap ik in jou
wanneer ik op mijn pen
de wereld rondreis
in een atlas vol inktvlekken
waar lagunes zich aftekenen
in het blauw tot aan mijn oren

elk gepraat wordt overstem
door luid vallende watervallen
die klinken als een gedicht
toch staat in onze ogen een angst
omdat jij niets weet van mij
en ik niets van jouw landschappen
en diep in mij hoor ik je lachen

al weet ik nog steeds niet waarom
*********************
sunset 18-01-2019



’t verlangend blauw

de hemel hult zich in dof grauw
edoch als slechts voor even ’t grijze breekt
toont hij mij zijn verlangend blauw
dat over lente in mijn ogen spreekt

nog uitgewist als leven zonder bloed
en zielloos nog het uitspansel, de aarde
sluit ik mijn ogen, voel de gloed
de droefheid die mij steeds bezwaarde

word overvallen door mijn schrik
en ‘k roep en schreeuw als in een koorts
en vraag mij af wat maakt het bangst
de nacht of schemer van dees ogenblik
*********************
sunset 19-01-2019



ik hef het glas

achter mijn bril met verkleurende glazen
denken mensen dat ik niets zie
toch verduidelijk ik hen kleur
die niet wit is, ook niet echt zwart
al blijven hun ogen gesloten

[en ontglipt hun aandacht ontglipt
achter gordijnen die zich niet openen]

ik hef het glas op poëtische rijmen
- mijn oude hart pompt weer vers bloed -
en neem mijn hemd, mijn broek
schoenen, ja zelfs een nieuwe huid

ik laat mezelf niet nutteloos
doorheen de dagen glijden
*********************
sunset 19-01-2019


mijn lied, mijn symfonie, mijn woordgespeel


jij bent mijn lied
mijn symfonie en woordgespeel
ben jij de dag
eentje die nooit als alle anderen is

jouw koele schoonheid, wintermooi
een warme hart als lentedroom
zonnig ’t gemoed, hoogzomerlijk
zelfs ‘t bonte lover in de herfst

jou hoor ik in mijn diepste kern
en ‘k zie jou in mijn spiegelbeeld
jij bent herinnering die nooit verbleekt
mijn lied, mijn symfonie, mijn woordgespeel
*********************
sunset 20-01-2019


ik was mijn handen in onschuld


en zo schrijf jij over de sneeuw
en ik over de liefde
terwijl sterrenbeelden aan de hemel staan
de maan met haar helder licht
de aarde bestraalt
alsof er geen enkele kernreactoren meer bestaan
zelfs geen dictaturen

[ik herinner mij
hoe wij samen liggen
en ik niet spreken kan noch denken
niet slapen noch ademen
enkel voelen en zijn]

weldra voel ik geen lente na de winter
en kan ik het niet meer verdragen
nog tijd aan deze stervende wereld te verspillen
aan het bedrog en de onwaarheden
wanneer ik zalig in jouw en Morpheus armen lig

morgen ben ik het niet vergeten
en zal ik extra lang douchen
mijn handen in onschuld wassen
en hopen dat zij eeuwig aan mij blijft kleven
*********************
sunset 21-01-2019



hier en nu
zingen nachtegalen
op zilveren regenbogen
zweven sterren
en volgt de wind
voorbije paden

later kabbelt een beekje
iets over het leven
- op de andere oever
ontdooit mijn ik
*********************
sunset 21-01-2019